In Weg van de eenvoud onderzoekt de auteur, Godfried IJsseling, waarom alles zo ingewikkeld is geworden. Dat proces van ingewikkeldheid lijkt bij onszelf te beginnen. Wij hebben onze organisaties gevormd, vanuit een persoonlijkheid die zelf ook ingewikkeld is. In-gewikkeld. Om ons te beschermen hebben we onszelf omhuld met automatismen, gewoonten, conditioneringen, en overtuigingen. Zo geven we onszelf het gevoel van voorspelbaarheid en controle. Maar in de preoccupatie met voorspelbaarheid en controle hebben we tevens onze essentie uit het oog verloren, en daarmee de essentie van de wereld die wij om ons heen bouwen.

Weg van de eenvoud vertelt hoe we in-gewikkeld zijn geraakt. Wanneer je weet hoe dat is gebeurd, hoe je contact met je eigen essentie bent kwijtgeraakt, dan is het begin gemaakt om dat contact weer te herstellen.

Het herstellen van het contact met de eigen essentie begint bij het ont-wikkelen van datgene wat de essentie omhult. We noemen dat persoonlijke ontwikkeling.

Weg van de eenvoud gaat vervolgens in op wat er gebeurt als mensen in gezamenlijkheid zich persoonlijk ontwikkelen. Het is dan alsof de muren die zij tussen elkaar hadden opgetrokken verdwijnen. Dan is er ruimte voor werkelijke dialoog. Dan kun je elkaar werkelijk zien en begrijpen, en verdwijnt de preoccupatie met jezelf.

Als een organisatie of team het lukt om de muren die zich tussen de medewerkers bevinden te slechten, dan ontstaat ruimte voor een gezamenlijk ontwikkelingsproces. Het is alsof de organisatie dan meer de natuurlijke stroom kan volgen. Wie zich een dergelijk spontaan proces aangaat, komt 'als vanzelf' in contact met de essentie. Die essentie, zo legt de auteur in het laatste deel van het boek uit, wijst de weg naar een zinvolle, duurzame, en effectieve toekomst.