Onder andere door inbreng van Stichting Support Stotteren is bij het debat over de participatiewet een motie aangenomen om te monitoren hoe de participatiewet uit gaat werken op mensen met een arbeidsbeperking die buiten de participatiewet vallen. Als stichting hebben we ons hier sterk voor gemaakt.

De zorg van Stichting Support Stotteren dat de participatiewet, onbedoeld, negatief uit kan pakken voor o.a. mensen die stotteren en een baan zoeken, is door het kabinet gehoord. Jaarlijks zal er een vinger aan de pols worden gehouden.

De stappen in chronologische volgorde:

25-11-2013: als Stichting Support Stotteren plaatsten wij op de Facebookpagina van "Participatiesluituit" de vraag:
"Hoe wordt voorkomen dat mensen met een lichte beperking die niet (meer) onder Participatiewet vallen, door de invloed van de Participatiewet op potentiële werkgevers, een nog grotere achterstand op de arbeidsmarkt oplopen?"

Daarnaast hebben wij een actieve inbreng geleverd in diverse vergaderingen van "PG werkt samen" (o.a. Ieder-in) over de participatiewet.

15-01-2014: Als één van de 71 vragen nam Ieder-in ook onze vraag over in de brief met vragenlijst aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
"Hoe wordt voorkomen dat mensen met een lichte beperking die niet (meer) onder de Wajong vallen een nog grotere achterstand op de arbeidsmarkt oplopen?"

18-02-2014 en 19-02-2014: kamerdebat over participatiewet waarbij ook aandacht was voor de concurrentie die gaat ontstaan tussen groepen mensen met verschillende beperkingen: mensen die wel en mensen die niet onder quotumregeling gaan vallen.

19-02-2014: Motie nr. 171 aangenomen:
"...constaterende dat mensen met een arbeidsbeperking die wel zelfstandig 100% WML kunnen verdienen en vanaf 2015 in de Participatiewet instromen, niet tot de doelgroep van de garantiebanen of een eventueel quotum behoren;

overwegende dat het voor die mensen mogelijk moeilijker wordt om een baan te vinden;

verzoekt de regering om, het aantal banen voor mensen met een beperking die wel het wettelijk minimumloon kunnen verdienen, te monitoren en de Kamer hierover jaarlijks te informeren,..."